.. Na flink wat zoekwerk kan ik weer een paar open eindjes oplossen:

In de boedelbeschrijving van 1820 na het overlijden van Maria Clara,
Gravinne van Rechteren, de vrouw van Jacob van Foreest kom ik het
volgende tegen:
– de katerstede Jagers niet ver van Huize Heemse
– de katerstede Schansman aan de Hesseneg Heemse

ook opmerkelijk:
.. in tegenwoordigheid van Jan Kromhof en van Hendrikus Jagers, beide
landbouwers van beroep en te Heemse voorzeid, de eerste in nr. 57 en de
tweede in nr. 60 woonachtigh, als hiertoe expresselijk verzochtte
getuigen ..

Kennelijk was Hendrikus Jagers meer dan de pachtboer
van het Jagers en als buurman van Foreest, bij de boedelbeschrijving in
1820, die 4 dagen duurde was hij er steeds bij.

Hendrikus nam de naam Jagers aan in 1811, naar ik aan mag nemen omdat hij toen op dat bestaande erve woonde.
Zijn schoonzoon Jan Harm Ramaker kwam in ca 1840 op het erve Schansman en kreeg later de bijnaam Schansen.

Weer een puzzelstukje dat op z’n plaats valt.